Waar je allemaal aan moet denken als je triatlon gaat doen

Tijdens een van mijn eerste hardloopwedstrijden stond ik met mijn startnummer in de hand. Dat had ik net opgehaald bij de organisatie. Maar hoe moest dat ding op mijn shirt? Blijkbaar had iedereen eraan gedacht om van thuis veiligheidsspeldjes mee te nemen, behalve ik – en de vriend met wie ik de wedstrijd liep. In allerijl moesten wij op zoek naar een winkel die op zondag open was en die veiligheidsspelden verkocht. Dat lukte net op tijd, maar relaxed aan de start staan was er niet meer bij. Read More

De 10 lessen die de marathon mij leerde

Ik heb nooit gedacht: dat doe ik even. Maar echt weten waarvoor ik me inschreef, eind september, dat deed ik ook niet. 42,2 kilometer was onontgonnen gebied en tussenstappen tussen een halve en een hele marathon waren er niet. Het inschrijven voor een eerste marathon is daarmee altijd een gok.

Inmiddels is het twee weken geleden dat ik de magische afstand van 42,195 heb afgelegd. Hoewel ik de afgelopen weken niet heb stilgezeten, met onder meer een scoutingweekend dat georganiseerd moest worden, heeft het gebrek aan trainingen wel tijd gegeven om de wedstrijd te overdenken. Wat heb ik geleerd?

Read More

Race – een mooie wedstrijd of een rassenstrijd?

Voor het publiek is de wedstrijd nooit spannend geweest. Al vanaf het startschot lag de man met de donkere huid voor op de rest, een voorsprong die hij in de 10 seconden erna alleen maar zou vergroten. En toen was het al afgelopen, de 100 meter sprint van Jesse Owens op de Olympische Spelen in 1936. Voor de ogen van de man die alle mensen zonder blond haar en blauwe ogen minderwaardig achtte, won hij de gouden medaille op dit onderdeel. Er zouden er tijdens deze Spelen nog drie volgen.

Read More

Een nieuwe uitdaging: triatlon

Zomer 2014. Eén van mijn medezwemmers vraagt aan de trainer of hij een baan wil vrijmaken zodat zij een 1500 meter kan zwemmen. Niet omdat haar dat nou zo bijzonder leuk lijkt, maar omdat ze die moet zwemmen in de triatlon die ze aan het voorbereiden is. De olympische afstand: 1500 m zwemmen, 40 km fietsen, 10 km hardlopen. Ze vraagt mij of ik het leuk vind om met haar mee te zwemmen. Ik zeg niet snel nee tegen een uitdaging, dus even later lig ik in het zwembad baantjes te tellen.

24 minuten later zijn we klaar. Ik weet niet helemaal zeker of ik 1500 meter heb gezwommen – meestal raak ik na 200 of 300 meter al de tel kwijt, maar het zal daar in de buurt zitten. Read More

Raceverslag: Marathon Rotterdam

De man met de hamer. Ik was ervoor gewaarschuwd: tijdens de marathon ga je die tegenkomen. Zo rond de 30 kilometer, als je verder loopt dan je ooit getraind hebt, dan zal hij ten tonele verschijnen. Dan wordt de marathon een mentale strijd.

Ik kwam de man met de hamer al bij het 20-kilometerbordje tegen. Nog vóór het halve-marathonpunt, met nog meer dan de helft te gaan. En ik wilde niet meer. Elke vezel in mijn lijf riep: stoppen, dit houd je niet nog een keer deze afstand vol. Ik kon wel janken.

Read More

Hakuna matata

Om half negen schrik je wakker. Het is niet helemaal duidelijk waar je bent, maar één ding is zeker: om negen uur word je in de tentamenzaal verwacht. Of op een belangrijke afspraak, dat kan ook. Je weet ook dat je op minimaal een uur reizen van je bestemming zit. Je gaat het dus never-nooit meer halen.

Of: je zit in de les. De examens staan voor de deur. Je weet dat je het hele jaar nog geen huiswerk hebt gemaakt. Je werkstukken heb je niet ingeleverd, je presentaties heb je niet voorbereid. Ieder moment kun je door de mand vallen, maar je weet niet meer waar je precies kunt vinden wat je ook alweer moest doen.

Read More

Maart roert zijn staart

Een vreemd gezegde is het eigenlijk – maart roert zijn staart. Als kind had ik er het beeld bij van een ondefinieerbaar harig wezen, dat met zijn staart ergens in zat te roeren. Ik wist wel dat het betekende dat het in maart nog flink winters weer kon zijn, maar op dat moment zag ik dat soort dingen concreet voor me. Dat “staart” en “roeren” ook andere dingen konden betekenen, was me onbekend.

Hoe cliché het ook is: maart roerde zijn staart de afgelopen dagen. Het resultaat: vanochtend werd ik wakker met een nogal winters uitzicht.

Read More

Het zit in de familie

Als kind, puber en jongvolwassene dacht ik altijd dat ik een hekel had aan sport. De gymlessen op school vond ik verschrikkelijk, want ik was – en ik ben nog steeds – uitgesproken slecht in balsporten. En laat het nu net zo zijn dat 95% van de gymlessen werd besteed aan hockey, basketbal, voetbal, volleybal of softbal. Een zesje voor de inspanning, meer zat er niet in.

Buiten school deed ik wel aan zwemmen, maar dat was meer omdat het moest. Niet dat mijn ouders mij dwongen – wel om naar de trainingen te gaan waar zij contributie voor betaalden trouwens – ik wist zelf ook best dat het goed was om te sporten. Maar ik lag drie keer per week met tegenzin in het water.

Sport was gewoon niet mijn ding. Mijn passies lagen ergens anders. Read More