Grommen tegen de collectebus

Ding-dong! “Goedenavond mevrouw, heeft u misschien een bijdrage voor Jantje Beton?”

Een paar avonden collecteren met de scouts levert aardige psychologische inzichten op. Deze deel ik natuurlijk graag. Daarom hierbij een reis langs alle antwoorden die je als collectant kunt ontvangen – ruwweg gesorteerd van leukst naar stomst.

Een positieve interactie

10. “Ja hoor. Wacht even, dan zoek ik mijn portemonnee.”

Vervolgens word je voor de deur achtergelaten, die de mensen negen van de tien keer ook nog open laten staan, behalve als er honden of kleine kinderen in de gang lopen. Nadat je een minuutje het gangmeubilair hebt kunnen bestuderen, komt de bewoner terug met een handje kleingeld. Of nog mooier: met wat briefgeld.

Het is mooi om te zien dat een heel groot aantal mensen goed van vertrouwen is. Sommige mensen vinden het naïef: ik vind het vooral een teken dat de wereld echt niet zo slecht is als dat het internet je doet geloven.

9. “Waar is het voor? Kun je je legitimeren? Oké, dan is het goed, maar ik moet het vragen, hè?”

Sommige mensen zijn wat minder goed van vertrouwen. Misschien door waarschuwingen van mensen bij hen in de buurt, misschien door eigen ervaringen. Maar als ze eenmaal beseffen dat jij geen bijlmoordenaar bent die uit is op hun flatscreen, dan gaat er direct een paar euro in de collectebus. Niets mis mee dus.

8. “Waar ben je van? Oh, van de scouting! Ja, daar heb ik als kind ook op gezeten. Dan ben jij dus akela?”

En er vervolgens achter komen dat ze geen geld in huis hebben. Maar hé, het was gezellig. Bij deze deur ga je niet met een vervelend gevoel weg – en je grinnikt nog wat na over de ouderwetse ideeën die sommige mensen over scouting hebben.

7. “Nee, dank je.” (“Ik heb geen geld in huis.” / “Ik geef liever aan andere doelen.” / “Ik heb al iets overgemaakt.”) “Succes verder!”

Sommige mensen geven liever niet. Daar kunnen ze duizend-en-een redenen voor hebben – de een wat beter dan de ander – maar ze zijn in ieder geval geen verantwoording aan je schuldig. Dus of het een smoesje is of de waarheid, maakt me niet zoveel uit, zolang de persoon aan de deur maar vriendelijk blijft. Ik ga echt niet doordrammen.

6. “Geen collectanten/geloofsovertuigers/verkopers. Ik weet de weg!”

Een sticker bij de bel. Het is onpersoonlijk en daarom oogt het wat onvriendelijk, maar het bespaart zowel collectant als bewoner tijd en moeite. Jij weet dat je door kunt naar het volgende huis en de bewoner wordt niet gestoord door de bel. Eigenlijk is er best over nagedacht.

Het is wel belangrijk dat deze sticker op een goed zichtbare plek hangt, liefst zo dicht mogelijk bij de bel. Hangt-ie verder weg, dan heb je kans dat je de sticker te laat ziet. Bewoner not amused, en voor jou maar één optie: excuses maken en wegwezen.

Dat kan aardiger

5. “…” (En ondertussen afwerende gebaren door het keukenraam.)

De categorie mensen die wantrouwig is ten aanzien van iedereen die ‘s avonds aanbelt, en niet van plan is om voor collectanten een uitzondering te maken. Je hebt de neiging om het persoonlijk op te nemen – zó crimineel zie je er toch niet uit? Maar zo doen deze mensen bij iedereen. Behalve – hoop ik – bij de buurvrouw die een kopje suiker komt vragen.

In ieder geval is dit nog beter dan …

4. “…”

Door de gordijnen zie je licht branden, je hoort de tv blèren, soms zie je door het keukenraam zelfs een bewoner die de afwas staat te doen. Je wacht net wat langer dan dat je zou doen bij een donker huis: misschien is er iemand slecht ter been of zit hij op de wc. Maar nee. De afwasser negeert je volkomen; de ontknoping van Wie is de Mol is blijkbaar erg spannend. En ondertussen sta jij voor Jan met de korte achternaam te vernikkelen van de kou voor de deur. (Maar daar stond je toch al voor – “Beton” is immers niet erg lang.)

Het is dat de stickers € 1,90 per stuk kosten, anders zou ik er eentje bij deze mensen door de bus schuiven. Scheelt toekomstige collectanten toch zeker een minuut.

3. “Nee!” BAM.

Voordat je “geen probleem, nog een fijne avond, meneer” kunt zeggen, is de deur alweer dicht. Ik ben me bewust van het feit dat ik me zo ook wel eens gedraag naar opdringerige straatverkopers in Afrika (en soms ook in Nederland), en als ik aan het ontvangende eind van zo’n behandeling sta, weet ik weer waarom ik dat eigenlijk niet moet doen. Als collectant verdien je wel iets meer beleefdheid – je staat er immers ook maar in je vrije tijd.

Motie van wantrouwen

2. “Waarom komen jullie altijd ‘s avonds, en niet gewoon overdag?”

Mensen die ‘s avonds de deur niet meer open durven of willen doen – je bent ze al eerder tegengekomen. Maar mensen die denken dat jij naast collecteren niets anders te doen hebt, zijn een categorie apart. Sommige mensen realiseren zich kennelijk niet dat jij dit vrijwillig doet en dat je overdag een baan hebt of naar school gaat. En dat dat ook geldt voor de meeste van hun buurtbewoners, dus doordeweeks overdag collecteren heeft weinig zin.

1. “Wat denk je, dat ik dat kan missen met mijn zielige AOW?” “Je denkt toch niet dat ik jullie directeur met zijn dikke Mercedes ga sponsoren?”

Rijdt de directeur van Jantje Beton in een Mercedes? Ik zou het niet weten. Misschien heeft hij wel een Ferrari 😉

Maar hoe dan ook, jij zit als collectant niet te wachten op iemand die zijn problemen met de overheid / de topmensen van liefdadigheidsorganisaties bij jou neerlegt. Bij zo’n retorische vraag sta je alleen maar met een mond vol tanden, je mompelt wat en je maakt dat je weg komt. Ondertussen heb je medelijden met de persoon die zo’n negatief wereldbeeld heeft en met de mensen om hem heen, die de hele dag naar hem moeten luisteren.

0. “Snotjong, ben ik dáárvoor naar de deur gekomen? Natuurlijk ga ik jou geen geld geven. Maak dat je wegkomt!”

Dertig zijn heeft ook voordelen – de kans is klein dat mensen mij op bovenstaande manier behandelen. Maar ik heb mijn scouts – jongens en meiden tussen de 11 en 15 jaar – wel eens op een dergelijke uitgekafferd horen worden. Aan dit soort mensen zou ik graag € 1,90 uitgeven om ongevraagd een anticollectantensticker op hun deurpost te plakken, om toekomstige collectanten zo’n sneer te besparen. Maar ik geloof niet dat dat mag.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *