Bucketlist: sportevenementen

Bron: Pixabay

Na de run-bike-run in Zandvoort is het even uit met de pret. (In ieder geval op sportgebied, gelukkig heb ik nog genoeg andere leuke plannen voor deze zomer.) Al sinds februari heb ik last van mijn knie en daar blijkt nu een cyste te zitten. Het oordeel van de orthopeed: rust houden. “Ja, maar ik liep al bijna niet meer hard.” “Voorlopig helemaal niet meer hardlopen dus.” Read More

Raceverslag: Grand Prix Triathlon (sprintafstand)

Bron: Pixabay

In eerste instantie dacht ik dat de informatie niet voor mij bedoeld was. De vrouw bij de registratiebalie had mij net zonder iets te zeggen de envelop met mijn startnummer overhandigd en zei nu tegen de man naast mij: “It’s a run-bike-run, the transition zone is over there, the start is on the beach.”

O, dacht ik, dan zal hij zich wel voor een ander soort race hebben ingeschreven – hoewel ik me niet kon herinneren dat dat mogelijk was. Maar toen vroeg de vrouw of ik het ook gehoord had. Het zwemonderdeel van het triatlon kwam te vervallen: het waaide te hard en de stroming in de zee was te gevaarlijk.

 

Kak. Read More

Waar je allemaal aan moet denken als je triatlon gaat doen

Tijdens een van mijn eerste hardloopwedstrijden stond ik met mijn startnummer in de hand. Dat had ik net opgehaald bij de organisatie. Maar hoe moest dat ding op mijn shirt? Blijkbaar had iedereen eraan gedacht om van thuis veiligheidsspeldjes mee te nemen, behalve ik – en de vriend met wie ik de wedstrijd liep. In allerijl moesten wij op zoek naar een winkel die op zondag open was en die veiligheidsspelden verkocht. Dat lukte net op tijd, maar relaxed aan de start staan was er niet meer bij. Read More

Een nieuwe uitdaging: triatlon

Zomer 2014. Eén van mijn medezwemmers vraagt aan de trainer of hij een baan wil vrijmaken zodat zij een 1500 meter kan zwemmen. Niet omdat haar dat nou zo bijzonder leuk lijkt, maar omdat ze die moet zwemmen in de triatlon die ze aan het voorbereiden is. De olympische afstand: 1500 m zwemmen, 40 km fietsen, 10 km hardlopen. Ze vraagt mij of ik het leuk vind om met haar mee te zwemmen. Ik zeg niet snel nee tegen een uitdaging, dus even later lig ik in het zwembad baantjes te tellen.

24 minuten later zijn we klaar. Ik weet niet helemaal zeker of ik 1500 meter heb gezwommen – meestal raak ik na 200 of 300 meter al de tel kwijt, maar het zal daar in de buurt zitten. Read More